Vol-maakt

Fatshaming. Vreselijk. Stigmatiseren. Het is hip. Nog steeds. Ook anno 2019. Body-positivity. Me reet! Mijn lijf, mijn probleem. Oordelen. Dag in, dag uit. Vermoeiend. Dodelijk vermoeiend. Het moet stoppen. Hier! Vandaag!

Ik heb vet. Ik weet het. Ik draag die last. Niet jij. Last? Jazeker. Het is zuur. Al die meningen. Al die oordelen. Over mij. En alle dikkerds. Een vloek. Uitschot. Maatschappelijk last. Vernietig ‘het’. Niets menselijks. Obese promotors. Levensgevaarlijke gekken. Dat zijn wij. De dikke mens.

Tess Holiday – Munster; eerst plussize model op cover cosmopolitan.

YouTube. Een etalage. Een venster. Diversiteit. Unieke zielen. Ze huizen daar. Crystel Coons SometimesGlam. Kandy Foxx. Emma Tamsin. Kellie van And I get dressed. Justine Kay. Josine Wille. Tess Munster. Nee, niet Monster. Zomaar wat namen. Helden. Mijn helden. Dikke helden. Met lef. Zij tonen zich. Hun vet en rollen. Op de koop toe. Appels. Peren. Zandlopers. Wijnglazen. Vet!

Deze dames. Zij helpen mij. Aanvaarden. Accepteren. Liefhebben. Koesteren. Dat. Wat van mij is. Die lymfoedeem benen. Die te grote boezem. Die enorm dikke kont. De baby pouch. Zoals het komt. Want zo blijft het. Nimmer. Nooit word ik slank. Strak. Begeerlijk. Slank zijn. Het maakt me niet beter. Liever. Leuker of Slimmer. Sommigen. Zij denken dat. Dat het me beter maakt. Zoals mijn ouders.

De allerliefste vriendin. Ik heb haar. Ongetwijfeld. Positief. Altijd hartelijk. Onbaatzuchtig. Ook zij helpt. 35 jaar. Zo lang duurde het. Blote benen. Onderbenen. Onzekere stappen. Wat? Hoe? Nerveuze blikken. Maar ik ga. Dankzij hen. Dankzij haar. Lucht. Bevrijding. En zij kent de klappen. Die van de zweep. Ze is er ook ‘eentje’.

Vandaag. We gingen shoppen. Bovenarmen. Ellebogen. Haar onzekerheid. Altijd mouwen. Echt altijd. Ik wil haar bevrijden. Van die last. Het is onnodig. Niemand sterft. Krijgt iets. Van haar armen. Haar ellebogen. Die leuke top. Ze liet hem hangen. Te korte mouwen. Ik overtuigde haar. Pas hem. Fuck it! En hij stond leuk. Heel leuk. Zij overtuigd? Absoluut niet. Dus verkoopster. Vertel. Wat vind jij? Verbazing. Echt. Zegt ze ‘Ik snap wat je bedoelt, het moet niet korter zijn. Dit kan net. Anders is het niet mooi’. What the fuck? Hoezo? Niet mooi. Jouw hoofd. Ook niet mooi. Een zak erover. Doe jij ook niet. Is het zoveel anders? Slechte verkoopster. Erger nog. Wat bezielt men? Waarom?

Woest. Dat word ik. Lelijke mensen. Dat zijn het. Die met waarde-oordeel. Die mij beperken. En mijn vriendin. Het mooiste mens dat ik ken. Herdefiniëren. Dat moet men. Wij. Zij en ik. Anna en Justine. Emma en Kellie. Vol-maakt. DAT zijn we. Dikke pech. Voor jullie!

Goedemiddag Donja, Kennen wij elkaar?

Verbinden. Het toverwoord. Voor mij. Daarom. Toeval. Het bestaat niet. Vroeger. Toen wel. Nu niet meer. Het is key. Magisch. Balans. Toeval. Dat zijn verbindingen. Bruggen. Boodschappen.

Recent. Ik schreef. Over vroeger. (Reasons). Over oude liefde. Dat die niet roest. Over vriendschap. Sterfelijkheid. Over daten. Het lijkt random. Willekeur. Toevallig. Zonder reden. Zonder opgaaf.

Die oude liefde. Hij heeft een vriend. Een beste vriend. Ruim 30 jaar. Zo lang al. Vroeger. Verkeringstijd. Altijd daar. Altijd op bezoek. Die vriend. Die zat in dienst. Bij de Marine. Hij voer. Op een groot schip. Ooit was ik er. Ik mocht mee-eten. Met die mannen. Voor de reis. Naar de Seychellen. De Indische oceaan. Mooi daar! Geweldig.

Jaren later. Interesse in oorlog. Vietnam oorlog. Tweede wereld oorlog. Modelbouw webshop. Corresponderen. Met een Vietnam veteraan. Don Aird. In gesprek. Met anderen. FlowerPower op de Vlagheide. Een oorlogsproject. Of beter. Vrijheidsproject. Dankbaarheid. Aan hen. Veteranen. Dan tv. Met Beau. Beau en de veteranen. Gezien? Een echte aanrader. Echt waar. Geen benul. Dat is wat we hebben. Geen benul. Over PTSS. Over je land dienen. Over angst. Verdriet. Woede. Frustratie. Oorlog. Onbegrip. Uitgekotst. Noem maar op.

En toen. Weer bestelde ik ze. De witte anjers. Voor de veteranen. Om ze te eren. Binnenkort. Op veteranendag. Die anjers. Het bleef stil. Iets ging mis. Jammer dacht ik. Laat ik maar schrijven. Wie weet. Zo gezegd. Zo gedaan. Ik mailde. Over mijn bestelling. Waar hij was. Dat ik wacht. Heel lang al. Mijn bestelnummer. Ik mailde het. Aan die club. De veteranenclub. Ik drukte op verzenden. Daar ging hij heen. Foetsie.

En toen. Een minuut. Misschien 2. Razendsnel. Ik zag mail. Re: Bestelling anjers. Nu al antwoord? Dat is wat ik dacht. Dat is vlug! Ik open het mailtje. Twee zinnen. Meer niet. Er stond:

Goedemiddag Donja,

Kennen wij elkaar? 

Wat denk je? 25 jaar later. Ruim 25 jaar. 17 miljoen mensen. 17,3 miljoen zelfs. En wat denk je? Wie mailt? Inderdaad. De beste vriend. Die van mijn ex. Van alle mensen. Alle mensen in Nederland. Mailt uitgerekend hij. Zo leuk. We hebben geappt. Heel kort. Bellen doen we binnenkort. Mijn anjers. Die zijn binnen. Alle vijf. Ik zal ze dragen. Trots. Voor hem. Voor die vriend. Voor Don Aird. En alle anderen. De streden. En strijden. Toen en nu. Tegen de vijand. Tegen zichzelf.

Toeval. Pffffff Echt niet!

Het leed dat daten heet

5 jaar. Ruim. Bijna 6. Zo lang al. Zo lang alleen. Nou ja. Samen. En toch alleen. Samen met Mec. Zonder partner. Saai? Absoluut niet. Verlangen? Neuh, soms. Gemis? Van een vent? Duhhhh. Tevreden. Dat ben ik wel. Meestal. Mannen. Ik kan zonder. En zij? ook zonder mij 🙂

Rubensdating. Een datingsite. Voor dikkerds. Ik sta erop. Al jaren. K*tsite. Dus moderner. Datingsapps. Ik heb ze. Op mijn telefoon. Eerst Lexa. Ruim een jaar. Niet echt handig. Betaalde liefde. Zo voelt het. Een date? Heel af en toe. Zonder haffelen. Geen polonaise. Geen zin in. Ik weet. Seks. Drijfveer nr. 1. Pech. Niet bij mij. Een enkeling. 1 date. Meestal. Soms 2 dates. Geen gedoe. Geen zin in. Meestal dan.

Daarna Badoo. Via een vriend. Een Lexa-vriend. Ik heb er 1. Leuke vent. Als vriend. Zijn advies? Ga op Badoo. Zo kwam het. Voordeel? Gratis premium. Ook daar. Enkele dates. Soms. Heel soms. Een klik. Maar toch. Altijd die maar… Hij ook. Te jong. Te ver weg. Te fout. Etc. En daten? Kwam er niet van. Ik baalde. Maanden. Echt maanden. Chatten. Appen. That’s it. Chagrijnig. Dat werd ik. Frustratie. Ik sprak af. Deze week. Ik date iedereen. Iedereen die het vraagt. Ik had 2 kandidaten. 1: 60 jaar uit Eindhoven. 2: 51 jaar uit Veghel. Echt interesse? Nee. Stomme frustratie. Leuke dates. Dat wel.

Het is waar. Het overkomt je. Onverwachts. Bij date 2. Als je NIET zoekt. Ineens. Het was er. Fuck. Niet leuk. Niet fijn. Vol in mijn gevoel. Echt. Zo lang geleden. Dat voelen. Dat onderbuikgevoel! Weerstand? Zeker. Ik probeerde het. Afstand houden. Want wat als. Te laat. En dan……teleurstelling. Liefde. Voorwaarde? Het is bi-directioneel. Helaas. Niet hier. Bijna 6 jaar. Zo lang duurde het. Je gaat diep. Tenminste. Als het hoog zit. Het is wat het is. Accepteren. Slikken. En door. Aandacht. Liever niet. Wat je aandacht geeft, dat groeit. Dus afkicken. Pfffff fucking liefde.

En net dan. Ping! Chatbericht. Van een bekende. Een FB vriend. Hij wil biechten. Een geheim verklappen. Oké. Benieuwd. Wat dan? X typt. Dat staat er. Ik wacht. Ongeduldig. Hij schreef. Hij had ooit hoop. Wij samen. Of zoals hij schreef. Telkens. Als hij mij zag. Zijn gedachten? Letterlijk ‘wat een geweldige vrouw” als ik iets zou willen dan met haar. ‘ Wow! Wat een compliment. En hij is lief. Maar niet hem. Die man. Die me raakt. Tot in de kern. Hoe onwennig. Kwetsbaar. Maar ook hier. Helaas. Niet wederzijds. Ik weet het. Hoe hij zich voelt. Denk ik. Klote.

Een boek. Dat kan ik schrijven. Het leed, dat daten heet. Vreselijk! (ik heb met toestemming van mijn FB vriend dit verhaal geschreven)

Wees gegroet

Oscar. Mijn beste vriend. Mannelijke vriend. Ik zag je. Vandaag. Ineens was je er. Op mijn tijdlijn. Aan de zijlijn. Zo was je. Niet opdringerig. Maar aanwezig. Voor als het nodig was. Broertje. Zo noemde ik je. Zo voelde je. Meer broer dan de echte. Zij? Altijd afwezig. Altijd afgunstig.

Toeval. Het bestaat niet. Zei ik toch. Ik geloof er niet (meer) in. Alles heeft een reden. Een les. Is een kadootje. Zo ook jij. Lieve Oscar. Niet jarig. Noch overleden deze dag. Geen aanleiding. Toch groet je me. Van boven. Want daar ben je. Toch? Ik twijfel weleens. Je aanwezigheid. Ik voel hem hier.

Vorige week. Donderdag. Mec kwam. ‘Mam, voel eens’. Enorme knobbels. Bij zijn sleutelbeen. Weet je nog Oscar. Toen je hier was. Je had die knobbel. Je moest naar de dokter. Moet; zei ik. Jij wilde niet. Toch ging je. Non-Hodgkin. Net als Maike. Die gekkerd. Die lieverd. Zij is bij je. Toch? Doe de groeten. Zeg maar pyama. Ze weet het wel. Opvallend. Arno. Hij liked de post. Hij is bij je Oscar. Ook al!

De schrik. Ik dacht aan jullie. Aan Jaco en Manuel. Allemaal kanker (gehad). Van de lymfeklieren. Wat als…. Onschuldig. Kan! Maar toch. Wat was ik bang. 11 jaar geleden alweer. 11 jaar broertje. Maike alweer 4 jaar. 36 was je. Maike was slechts een paar jaar ouder. Zo snel kan het gaan. Een oogwenk. Geniet, Kijk. Leef!

Wat een gedoe. Is het niet? Je kijkt mee hè. Over mijn schouders. Zoals vroeger. Lief en leed. We deelden het. Onze situatie. Onze ouders, hetzelfde hout. Je reis. Naar Amerika. Naar Vicky. Voor de liefde. Het was drama. Maar je ging. Keek naar wat er WEL was. Niet wat er niet was. Je wilde dat het slaagde. Het ging zo snel. De tijd. Dat vond je. Voordat je ziek werd. Je ging ervoor. Het ging zo snel. De tijd. Hij was bijna op. Nietsvermoedend. Vol ging je erin. Want je wist……voordat je het weet. Juist ja.

Tja, lief broertje. No time to waste. I know. Leuk je weer te zien. Op foto dan. onze hereniging? Die moet hopelijk wachten. Lang wachten. Ik hou van je. Zeker. Meer nog hou ik van Mec. En het leven. Blijf je bij me? Als bewaarder? En niet vergeten. De groeten. Aan onze geliefden!

Wees gegroet broertje. Laters

Oude liefde roest niet!

1985. Ergens in het begin. Disco en soul. Kuiven en haarlak. En schoudervullingen. Echt wel! Soms wel 3 paar. Gestapeld. Onder het BH bandje. Vreselijk onhandig. Als ze gingen schuiven. Grote oorbellen. Blauwe mascara. En een ‘lijntje’. Niet vergeten. Permanent. Poedelkrullen.

Cortical. De disco. Van Veghel. Daar bij de kastanjeboom. Met Cor. De uitsmijter. Flipperkast in de hal. Verlichte dansvloer. En dansmuziek. Dat deden wij. Dansen. Man, man. Die jaren 80. Ze waren tof!

Ik moest mee. Naar Cortical. Zo zei Gaby. Er was een jongen. Niet zomaar eentje. Jean Silvester. Hij is leuk. Heel leuk. En hij kwam. Dus wij ook. Hij kwam uit Uden. Stukken ouder. Hij 22. Wij net 17.

Inderdaad. Hij was er. Bos krullen, Gespierd. Indo, net als Gaby. Hoe het kwam? Geen idee. Zij wilde hem. Ik had hem. Verraad. Hoogverraad. Niet getreurd. Haar huidige man. Hij was snel in beeld. Ze trouwden. En zij….zij zijn nog samen. Jan en ik niet.

Hij was de eerste. Mijn eerste echte liefde. Hoteldebotel. We huurden.. We kochten. We scheiden. Na 11 jaar. Onze wegen scheiden. Ik vertrok. Onrustig. Dat was ik. Was dit het? Wilde ik dit? Hij ging verder. Trof zijn vrouw. Ging trouwen. We bleven in contact. Al die jaren. Hij was altijd goed. Altijd lief. Altijd respectvol. Gewoon een goeie vent.

Vanavond. 34 jaar later. Een reünie. Hij is ‘muzikant’. Gaby is muzikant. Ik ben enthousiast. Muziek. Het is terug. Na veel jaren. Jan speelt weer. Gitaar. Toetsen. Jammen. Overal. En nergens. Hij was benieuwd. Naar Gaby. Naar Suara. Hoe ‘zij’ het doen. En zo kwam het. We waren weer samen. Met zijn drietjes. Tijdens de repetitie. Want het is echt. Oude liefde, die roest niet. Alles is ‘In the name of love’. In dit geval liefde voor de muziek.

Leuk deze avond. Thanks X

Reasons

Muziek. Wat zou het leven zonder zijn. Zonder die tolken. Vertalers. Wat wij (misschien) voelen. Wat we niet onder woorden kunnen brengen. Wat we van de daken willen schreeuwen. Waar we in stilte van genieten of onder lijden.

Muziek. Het laat mij voelen dat ik leef. Het laat ons voelen dat we liefhebben of haten. Muziek is emotie. Gevangen in hoge en lage tonen. Frequenties die we echt kunnen voelen. Tot in de kern van ons zijn.

Reasons by Earth, Wind & Fire

Vroeger. Je had mijn kamer. Er waren mijn LP’s. En je had mij. Die 3 waren onlosmakelijk verbonden. LP hoezen met teksten. Ik verslond ze. Ik bouwde een muzikaal verleden. Associeer liedjes met mensen. Met gebeurtenissen. Gevoelens en gedachten.

‘Heaven Help’ hoort bij Mec. Purple Rain bij Gaby. ‘Roxanne’bij Lianne. ‘Listen to love’ bij Jan. ‘Another day’ bij Albert. ‘Nobody’s wife’ bij Rob, ‘Tonight is the night’ bij Dennie. ‘Halt mich’ bij mijn trouwen. ‘Still’ bij mijn overlijden. ‘Ben’ bij mijn ‘eenzaamheid’. Zo kan ik echt uren doorgaan. Bij jou? Ik heb vast iets.

Dat principe. Het kwam ter sprake. Gisteren. Over LP’s. Muziek. Platenspelers. Ze komen met sentiment. En oude plaatjes. Dat muzikaal verleden. A trip down memorylane. Best heftig. Die ups & downs. Ongewild passeren ze de revue.

En daar op die bank. Emotie volgde elkaar op. Door dat krakende vinyl. Me and Ms Jones. Free. It’s a mans world maar ook ‘tonight is the night’. Het maakte me kwetsbaar. Het zit onder die laag. Van onverschilligheid. Dat pantser. Wie mij kent. Die weet wat ik bedoel.

Ik heb iets toegevoegd. Aan die verzameling. Dat is hoe het soms voelt. Verzamelen. Van herinneringen. gevangen in muziek. Het laatste nummer. Op de A-kant. Van een verzamelalbum. Daar stond ‘Reasons’. Van Earth, Wind & Fire. Always loved them. Always loved it. Reasons hoor nu bij gisteren. En hoe het voelt. Dat weet alleen ik. En daar heb ik mijn redenen voor 😉

S(ch)ol-ekster

Sinds kort werk ik bij ‘t Spectrum. Dat is in Schijndel. Een multifunctionele accommodatie. Voor velen toegankelijk. Vereniging of clubke. Theaterbezoeker of ondernemer. Wij heten u welkom. Van harte welkom. Nieuwsgierig? https://www.spectrumschijndel.nl/

Vandaag zocht ik R. Hij is ‘huismeester’. Ik sprak mijn andere collega Y. Over een apparaat. Ik wil het schoonspuiten. Met perslucht. En R: die weet of wij dat hebben. Zo zei ze. Dus zocht ik hem. Beneden. Op het pleincafé.

 

Afbeelding: De Stentor

Ronnie was uit zicht. ‘Waar is Ronnie?’. Dat vroeg ik. ‘In de buurt denk ik’. ‘Ik hoor namelijk stoelen schuiven’. Warempel. Ik hoorde het ook. Ergens. De Multifunctionele ruimte misschien? Nope. Bij de Podiumzaal? Dat is die nieuwe. Mooi is ie. Maar uhhhh, ook niet. Raar, ik hoor hem toch?

Dan morgen maar. Heeft geen haast. Ff Y informeren. Zeggen dat ik ga. Nog steeds hoor ik het. Die stoelen, dat geschuif. Ik loop naar boven. Naar ons kantoor. En ja hoor. Daar zit ze. Of staat ze. Mevrouw de S(ch)olekster. Wat een venijn. Die rode snavel. Keihard tikt ze ermee. Tegen het bovenraam. En ze vliegt op. Met haar borst tegen het raam. Imponerend.

Het verhaal kende ik. Van de koekjespauze. Mart was er ook. Mart Schel. Die man kan fotograferen. Niet normaal mooi. Vlinders. Zijn specialiteit. Zijn foto’s. Adembenemend. Ik zag ze. Op zijn telefoon. Van vossen en beren. Zwart en bruin. Het Noorderlicht. En veel vogeltjes. Heel veel.

Eigenlijk best zielig. Die Scholekster. Elk jaar weer. Op ons dak. Daar bouwt hij zijn nest. Heel hoog. Elk jaar vallen ze te pletter. De jonkies. Van dat hoge dak. Mislukte vliegles. Begreep ik van Mart. Echt slim zijn ze niet. De Scholeksters. Het dak is schuldig. De dakbedekking. De grote kiezels erop. Die misleiden hem. Die Scholekster vergist zich. Denkt dat hij op het strand zit. Daar bouwt hij zijn nest. Alleen is ons dak dat niet. Een strand.

En dat tikken? Zijn spiegelbeeld. Hij herkent het niet. Niet als het zijne. Het is broedtijd. Die reflectie. Dat is een ander. Een indringer. Die moet weg. Weg uit zijn territorium. Dus valt hij aan. Echt waar.

Ik lachte wat. Zoals zij daar stond. Dreigend. Met borst vooruit. Rennend. Van links naar rechts. Tikkend, Borststotend. Idioot dacht ik. Ik heb het omgedoopt. Wat Scholekster. Sol-ekster is beter. Hij solt met ons. En laat niet met zich sollen. Schuivende stoelen. Duhhhhh

Dag (o)pa.

‘Welkom in HFM; 70 jaar lief en leed. Op 7 januari 1941 werd Henri M in Ulft geboren als zoon van Eduard M en Maria Jordan. Henri is de oudste telg van de familie.’

Dit is hoe de HFM (Hents First Magazine) begon. Alweer ruim 8 jaar geleden. Ter ere van zijn 70ste. Een tijdschrift vol nieuws, wetenswaardigheden en info. Met liefde gemaakt. In liefde ontvangen.

Hent is opa. Opa van mijn zoon. En de 2 kinderen van zijn dochter. Ik mocht hem wel. Hij hield van gewoon. Doe maar gewoon, dan doe je al té gek. Tja, en dan komt je zoon met mij 😉 Misschien moest hij wennen. Wennen aan mij. Die Brabander. Want hij bleef Ulftenaar. Net als zijn vrouw trouwens.

In jaren 60 kwam hij naar hier. Het Brabantse land. Voor zijn werk. Gemeente Uden en Best. Ken je de mol? Niet dat TV-programma. De Mol in Best? Die bij het spoor staat? Dat mega grote beeld? “Dat is voor jou”. Dat zei ik weleens. Hent ging ondergronds. Met het spoor. En ook de snelweg. Hij werkte bij VROM. Hij zorgde voor het ondergrondse. De mol van Best.

En humor. Dat had hij ook. Je moest hem kennen. Om het te snappen. De grappen. Hent was echte Hollander. Zuinig en trots. Ook zuinig op de zijne. Zijn gezin. Zijn familie. Fotografie, fietsen, wandelen, zingen en reizen. Dat deed hij graag. Omstandigheden waren ongunstig. Dus het kwam er niet van. Niet zo vaak.

Sinds enkele jaren was hij ziek. Alzheimer. Die klote-ziekte. In vergevorderd stadium. Lang had hij het verborgen. Viel het niet op. Lachten we erom. Dachten we aan grappen. Echt. Zo bizar. Totdat het op begon te vallen. De verwardheid. Tijdens een etentje. In Best. Ter ere van hun huwelijk. Toen wist ik zeker. Hier klopt iets niet.

Hent zat in een verzorgingshuis. Op een gesloten afdeling. Zijn vrouw? In een kamer ernaast. De man die altijd fietste. En wandelde. Hij zat binnen. Achter het raam. Weg vrijstaand huis. Ingeruild voor een kamer. Met een bed en kastje. En badkamer. En die stoel. Die uitkeek op de parkeerplaats. Mijn hart brak. Telkens. Als mijn zoon en ik vertrokken. En hij daar stond. Zwaaiend. Achter dat raam.

Heel verdrietig. Zijn situatie. Alzheimer had ook voordelen. Hent was ondeugend. Stout. Hij zei dingen. Deed dingen. Dingen die nieuw waren. Voor ons en hem. Grenzen vervagen. Het had charme.

Altijd een uitdaging. Hem bezoeken. Ook hier de omstandigheden. Relaties…pffff. Maar we waren er. Mijn zoon en ik. Het ging niet goed. Hij was vermagerd. Liep slecht. Was verward, maar grappig. We hebben genoten. Van zijn gezelschap. Zijn humor. Zijn grappen en grollen. Zijn ondeugd. En hij. Hij genoot ook. Op zijn manier. (Blog Saartje aka Sara gaat over ons bezoek) Tegen 16 uur vertrokken we. Richting stad. Effe naar Eindhoven. We kusten hem gedag. Niet wetend. Niets vermoedend. Plagend.

En dan gisteren. Telefoon. Hent is overleden. Zojuist. Rustig ingeslapen. In het bijzijn van geliefden. Helaas zonder ons. Hij is verlost. Van die kamer. Hij is weer vrij. Vrij van zorg. Weg. Weg van die kamer. Weg achter dat raam. Weg uit ons leven. Hij zal gemist worden.

Dag (o)pa. Liefs van Mec en mij.

UITpunt; punt uit!

Het is alweer even geleden. Dat Natasja belde. Ze had een vraag aan me. Of ik haar kon helpen. Bij het UITpunt in Veghel. Er was soort van crisis. Helaas waren er zieken. Niet 1 maar 2. Even zoveel als er werknemers zijn.

Ik voelde me vereerd. Hoe leuk is dit? Werken bij het UITpunt. In MIJN dorp. In MIJN Veghel. Want hoewel ik weleens foeter. Uiteindelijk word ik blij van Veghel. Van zijn rijke historie. Van zijn mopperende mensen. Van alles wat het niet heeft. En meer nog, van wat er wel is.

En zo begon ik. Het was een sprong. En het diepe was heel diep. Maar wat was het leuk. De tijd van Sint en zijn Pieten. Zwarte Pieten wel te verstaan. En de Veghelse Quiz. Oh man, wat een beleving. Beiden zijn soort van virus. Uiterst besmettelijk ook. En list en bedrog. Die zijn inherent aan de VQ. Hilarisch.

Je had UITpunt activiteiten. Maar ook vvv zaken. Zoals de cadeaubonnen. En er was het archief. Daar heb ik me op uitgeleefd. Het is gereduceerd. 2/3 is weg naar het groot archief. En gesjouwd dat ik heb. Samen met Y. Heerlijk. Maar….. Aan alles komt een eind. Ook aan ziek zijn. Gelukkig maar. Voor de zieke dan.

Vandaag nam ik afscheid. Eerst het gebakje. Ik postte het op FB. Vandaag was Next Level. Een lunch. Bij Brownies en Downies. Ik nam de kippendijen salade. Met Spa Rood. Het was reuze gezellig. En dat is best zuur. Ik begreep niet altijd alles. Zoals dingen liepen. Besluiten. Communicatie. Maar toch. Ik had het leuk. En onder de mensen. Ik vond het fijn. De sociale contacten. Het bijdragen. Onderdeel zijn van. Dat is nu over. Weg. Jammer!

Het gebakje. Ik vond het leuk. De lunch. Ik ben vereerd. Toen nog meer! Bloemen in leuke flessen. Tof. Een vvv-cadeaubon. Bieb oortjes en kar-munt. en een kaartje. Wat een feest. Ze zat aan de overkant. Een oudere vrouw. Ze luchtschudde mijn hand. ‘Gefeliciteerd’ playbackte ze. Ze dacht vast ‘die moet wel jarig zijn’. Helaas. De reden was ‘onfortuinlijker’. Dat zei ik nog. Maar vond het zo sfeer-verpestend.

Bedankt Natasja. Jij in het bijzonder. Jij was het. Jij belde. Jij had vertrouwen. Jij gaf die kans. Jij zag iets in me. Jij nam het initiatief. Jij gaf mij dit afscheid. Jij kreeg onvoldoende krediet. Sorry 🙂

UITpunt is punt uit!

Losgeslagen

Vandaag liep ik naar het werk. Het is niet zo ver. Buiten was het goed toeven. Niet te koud. Niet te warm. Wen d’r maar aan galmt door mijn oortjes. Ik stap flink door.

Ik ben vlakbij mijn werk. Ter hoogte van ‘Intersport’. Daar zie ik hem. Hij trekt met zijn been. Rugzak op. En…..een zware wietlucht. Ik herken hem. Sprak hem vorige week nog. Ik zei ‘Goedemorgen PM’. En stug stapte ik door

‘Ik ben eruit genaaid’. Ik kijk om. Haal één oortje los. “Wat zeg je?’ Weer klinkt het “Ik ben eruit genaaid’. Ik houd in. ‘Hoezo dan?” vraag ik. ‘Nou gewoon’. ‘Ik zat in Padua’ (Hoogspecialistisch Centrum voor hersenletsel en Neuropsychiatrie} “Ze zeggen dat ik gek ben”. ‘Niet ik, die verpleegkundige zijn gek. Knettergek”. PM heeft NAH. Niet aangeboren Hersenletsel. Opgelopen na hersenbloedingen. Heel lang terug. Hij was erg jong.

Ik staar hem aan. “Je meent dit hè”. Eigenlijk moet ik door. Toch blijf ik staan. “Maar hoe dan? Wanneer?”. “Vanochtend. Met een cliënt. Die heeft een oud busje. Zo eentje waar de deuren niet van sluiten. Een tientje. Dat heb ik betaald. Omdat hij mij weghaalde daar. Gewoon meegelopen. Ik zat eerst in Oss. Ik blijf er niet. In Padua.”

Even probeer ik het nog. “Maar, dat is toch de oplossing niet?”. “Nou en, ik blijf niet. Niet bij die gekken”. “Waar ga je heen dan?” vraag ik hem. “Mijn moeder” zegt hij. Oke…..”Maar is zij blij dan?” “Nou, denk het niet. Ze belt de politie maar. Doet ze wel vaker’. Ik kijk op mijn telefoon. Bijna 9 uur. Ik moet er vandoor. Oké, uhhhh, nou….succes, stamel ik.

Anne Faber. Zij schoot door het hoofd. Ik weet het. Ander geval. Ernstige gek die Michael P. Maar toch. Hoe kan dit? Zo eenvoudig. Letterlijk losgeslagen. Ik hoop er het best maar van.

%d bloggers liken dit: